” Watou Light, akkoord, maar niet voor wat betreft de poëzie(cursus)!”
“Journalist Geert Van der Speeten was in De Standaard iets te welwillend wanneer hij zijn stuk kopte: De zomer van Watou Light. Het Blauwhuys met curator Peter Verhelst stak met kop en schouders boven de rest uit. Vooral omdat de rest meestal, op enkele uitschieters na, helaas plastisch ondermaats was.
De echte poëzieliefhebber kwam er in deze nulversie tamelijk bekaaid vanaf. Gedichten op enkele witte ballonnen in een zwarte kelder, tja. Ik heb dat bij een poëzieproject in een lagere school wel eens origineler weten doen.
Oja, er was ook een heel boeiende, vakkundige documentaire over de Zuid-Afrikaanse dichteres Ingrid Jonker. Maar weggestopt in een onooglijk kamertje met drie, euh nee, twee stoelen, de derde was stuk. Alsof de organisatie er alles wou aan doen om toch maar hun sterkste poëtische troef niet uit te spelen?! Begrijpe wie kan.
Maar een Landgoed Karel van Yedeghem tot de nokken toe gevuld met gretige dichters. Dat geeft vonken! Zeker wanneer zo’n verzameling ‘woordenaars’(M/V) de vonken laat knetteren tijdens de heetste dagen van 2009, tja dan…. is er aan uitslaande brandjes natuurlijk geen gebrek.
Ik heb het dus wel over literaire woorduitbarstingen, he! Want, sorry folks, echte lijf aan lijf gevechten heeft dat niet opgeleverd. Wel kwam het tijdens feedbacksessies tot knappe woordduels, pientere inzichten, passionele letteringrepen, verhelderende analyses, intelligente variantes…
Allemaal voor het goede, wat zeg ik, het beste doel: elk gedicht nog sterker, nog heviger, nog gelaagder, nog origineler maken.
Maar eerst moest er dus wel geschreven worden. In het zwembad, bij de eendjes, in de schaduw van een kippenhok of een uitgebrande haard, op grasvelden in het witste licht, ’s nachts bij een glas wijn… overal kon je zuchtende, zwetende, kreunende, kermende dichters treffen, de pen in alerte aanslag op zoek naar Het Juiste Woord. Ja, dat woordenboek was ook voorhanden, zoals vele andere. Maar iedereen werd uitgedaagd eerder op zoek te gaan naar het nog betere woord, het eigen woord, het best mogelijke woord. En die zo te combineren dat er woordduetten, woordstelsels, literaire firmamentjes gaan glanzen zoals niemand het nog nooit heeft gezien.
Dan pas mocht er even met een tevreden vermoeid lachje achterover geleund worden. Maar niet voor lang, daar komt al een nieuwe schrijfopdracht aan. Etc. En al viel deze eerste post-Mandelinck-editie van Watou in plastisch opzicht als te licht uit, het belette geenszins de dichters om er knap werk te schrijven.
Waarvoor iedereen felicitaties verdient.”
Daniel Billiet
(docent creatief schrijven in Watou 2009)

Daniel Billiet in volle actie
De volgende keer: Het bewijs