Creatief Schrijven is het aanspreekpunt voor iedereen die schrijven gewoonweg niet laten kan.

verdichting

Het is rustig op de boekenbeurs. Of net niet. Hangt er van af hoe hoog je bent. Het is scholendag en de hallen worden overspoeld door dichte drommen kinderen. En ze hebben allemaal hun huiswerk bij. Een handvol leergierige jongeren omcirkelt mijn witte sofa. Hun vragen zijn voorspelbaar.

‘Mogen wij uw handtekening? Wat inspireert u? Wanneer hebt u het meest inspiratie?’

Goedmoedig signeer ik hun mapjes, schrijf zelf mijn naam, antwoord op hun vragen. Neen, een foto van mezelf heb ik niet. Guido Belcanto duidelijk wel. Even overweeg ik de huistaken vol te kribbelen met obscene of absurde zinnen. Ik laat het maar zo en vul geijkte formules in. Onlangs hoorde ik Saskia De Coster in een tv-interview bekennen dat ze momenteel vooral inspiratie put uit het geluid dat haar plassende hond maakt. De journalist was van slag en Saskia onderstreepte haar antwoord met een raadselachtige glimlach. Eén – nul voor de fictie.

In dezelfde wedstrijd zag ik ook P.F. Thomése scoren in het boekenprogramma waarvan de titel me ontglipt. Iets met boeken. De schrijver die me altijd aan een getuinierde Georges Perec doet denken, dribbelde Jan Leyers van het kastje naar muur toen het over de echtheid van romanfiguur J. Kessels ging. ‘Natuurlijk bestaat Kessels, het is mijn beste vriend. Is wel niet zo tuk op de media.’ Leyers kon zijn twijfel niet verbergen maar durfde er niet verder op ingaan, bang om een mal figuur te slaan. Thomése dolde wat verder en moest uiteindelijk zijn prooi lossen omdat de aftiteling eraan kwam. Hilarisch en tragisch tegelijk.

Ondertussen signeer ik met een brede glimlach postkaartjes waar het volledige team Aspe-acteurs op staat.

(c) Roderik Six

luxe

Luxe is overbodigheid. De boekenbeurs is een bijzonder luxueus evenement.

Sommige standhouders moeten zich van datum vergist hebben. Of waren er bewust héél vroeg bij. Hoe verklaar je anders de stand van de Federale Overheid, afdeling belasting?  Bivakkeren ze er voor het congres van de neo-liberalen volgende maand, nu al grijnzend omdat ze hun collega’s van de FET verschalkt hebben? Kan je er een voorschot krijgen op je terugbetaling in de vorm van boekenbonnen? Niemand wil het weten, niemand neemt een risico en de stand blijft angstvallig leeg.

Fiscale aftrekposten zijn nochtans snel gevonden. Natuurpunt roept op om de egel te redden, Amnesty verkoopt kaarsjes, een man in een zebrapak maant je aan om je gordel te dragen, bij de Gezinsbond kan je kinderopvang reserveren voor het jaar 2030 en Pax Christi wil als vanouds vrede stichten.

Blijf in het midden van het gangpad, vermijd oogcontact met frisse promodeernes, zet een misantrope blik op, draag bont, plet een overstekende egel onder je hiel. Wees sterk. Smoor elk opdoemend schuldgevoel hardvochtig in de kiem.

Hier is maar één goed doel. Het verdient al je geld en je innigste bescherming.

(c) Roderik Six

wachten op bunny

We zitten in de auto, stapvoets op weg naar de supermarkt. Op de achterbank zit een jongen van acht te spelen met een plastic Luke Skywalker poppetje. Het uur is rond, een jingle kondigt het radionieuws aan. Ik zet het geluid harder. De nieuwslezer somt feiten op: een dolle schutter, tennissterren wiens handen afgehakt worden en dat het koud wordt. Berichten uit de wereld waarover ik een mening dien te vormen. Maar niet vandaag. Ik draai het geluid zachter en staar naar het derde remlicht van de auto voor me. De jongen op de achterbank spreekt.

‘Waarom hebben ze op het nieuws niets gezegd over je opa die dood is?’

Eerst wil ik hardop lachen maar besef dan de diepte van zijn vraag.

‘Alleen belangrijke mensen worden vermeld op het journaal.’ Meteen zie ik de zwaktes in mijn antwoord. De jongen heeft ze ook gezien.

‘Was je opa dan niet belangrijk?’

‘Toch wel, maar niet voor iedereen.’ Mijn voet schuift naar de rem, ik wring mijn handen rond het stuur, vraag me af hoeveel levenstijd een mens spendeert aan wachten, aanschuiven, geduld oefenen.

‘Gaan alle mensen dood?’ Ik raak vertederd door zijn nieuwsgierigheid en voel me triest over de noodzakelijke wreedheid van mijn antwoord.

‘Ja, alle mensen moeten doodgaan.’

Het blijft een tijdje stil op de achterbank. Ik stel de achteruitkijkspiegel bij en zoek zijn blik. De jongen probeert een lichtsabel in de hand van het poppetje te klikken. Het lukt niet direct. Daarna staart hij wat naar buiten, naar de traag voorbijglijdende verkeersstroom. Er wordt getoeterd, een fiets zwenkt rakelings voorbij mijn bumper, ik moet bruuks remmen, de puber op de fiets peddelt breed glimlachend verder. Mijn hartslag daalt weer.

‘Dan is doodgaan helemaal niet erg. Het kan iedereen overkomen.’

De grote mens in mij wil protesteren, het alsnog beter weten maar ik laat mijn verzet zakken. Ik heb het gevoel dat de jongen me iets wijsgemaakt heeft. Of me wijzer gemaakt.

Een paar dagen later sta ik opnieuw aan te schuiven, ditmaal bij Andrew Riley, de tekenaar van de Zelfmoordkonijntjes. In mijn tas zit zijn boekje Great Lies to Tell Small Children. De man tekent er een mooie bonusleugen bij.

Misschien moet de jongen van acht ook een boekje schrijven: Great Lies to tell Grieving Adults.

(c) Roderik Six

Ons stekje

Je kunt er niet naast kijken, toch?

zozienweernuuit

De eenzame boekendief in de sofa. Hij zit hier nog tot 11 november… Soms toch.

En jij? Wanneer kom jij er gezellig naast zitten? Zaal 2, stand 222!

de boekendief

Het is druk op de Boekenbeurs. Je raakt er maar schuifelend doorheen.

Nadat ik een tijdje achter een gigantische groene kikker aanschuif, word ik plotseling in de arm geknepen. Ik kijk om, verwacht een bekende te zien. Een oudere man zwaait met een badge:

“Diefstalpreventie meneer. Waar hebt u die boeken gekocht?”  Hij  blijft mijn onderarm vasthouden. In mijn linkerhand heb ik een stapel bundels vast, de nieuwste uitgave van 1001 Liefdes waarin bekende en minder bekende mensen hun liefde verklaren. Het magische deel zeven alweer, met pittige liefdesbrieven van ondermeer Saskia De Coster, Tom Naegels en ondergetekende.

“Niet gekocht, gekregen.”  Zijn gezicht wordt er niet vrolijker op. Ik begrijp in navolging van Jozef K dat dit antwoord mijn zaak niet vooruit helpt. Ik zou het kunnen uitleggen maar verkies de aanval en toon hem op mijn beurt mijn persbandje. Het werkt: het machtsevenwicht is hersteld, dankzij een simpel plastic bandje. De man laat mijn arm los.

“Ik blog voor Creatief Schrijven. Het wel en wee op de boekenbeurs, weet u wel?”

“Natuurlijk meneer. Volgt u me even, dan geef ik u een zakje, anders zullen ze u blijven lastigvallen.” Dat willen we inderdaad niet. Toch niet door kleine grijsaardjes. Hij sommeert een kassa-jongen en ik krijg een mooi transparant draagtasje. Best handig. Had ik direct moeten vragen.

Het verhoogde veiligheidsgevoel doet deugd. Boeken steel je niet.

Je streelt ze.

(c) Roderik Six

Jet set, trash & no star

Exclusief is een groot woord. Iedereen past er blijkbaar in.

Tien kilometer voor de Kennedytunnel staat er al een gezellige file richting Bouwcentrum. Daarna volgt een leuke speurtocht naar een parkeerplaatsje in de wijken rond het Bouwcentrum. Drie uur heeft de avontuurlijke rit geduurd, mevrouw Gps had het berekend op de helft. Openbaar vervoer, natuurlijk, graag, direct, zonder verwijl, we doen niets liever maar hoe moeten we ’s nachts in godsnaam terug raken?

Collega’s hadden me toegefluisterd dat zo een vooropening veel leuker is dan de gewone dagen waarop het plebs mag komen. Meer plaats, lekkere hapjes en drankjes, tijd en ruimte zat om in de boeken te snuisteren, kortom ideaal voor de bedaarde liefhebber.
In werkelijkheid durft dat al eens tegenvallen. Omdat iedereen tegenwoordig BV en VIP en schrijver is, mag je ook vandaag gewoon aanschuiven. En omdat de meesten aanhoudend in hun glas turen, botst gans bekend Vlaanderen tegen mijn borst om dan verongelijkt omhoog te kijken en binnensmonds een excuus te mompelen.
Rest ons niks beter dan zelf een glas en een fles te pakken en rond te struinen, minzaam knikkend tegen elke BV die ons denkt te herkennen. You can be a star, it ain’t hard. Af en toe zien we tussen de menigte een boek liggen.

Bij Van Halewyck zeggen we even gedag aan de immer beminnelijke dichters David Troch en Sylvie Marie. Hier is het rustiger – nogal veel literaire uitgaven, dat helpt.
Debutante Annette Pas vervoegt ons en we raken in een boeiend gesprek verwikkeld over het onuitgesproken klassensysteem in Engeland. Elke bevolkingslaag beschikt er over een eigen idioom, eigen pubs, eigen places to be en de kastenscheiding wordt stilzwijgend maar rigoureus toegepast. Verbazingwekkend voor een land dat de mond vol heeft over vrijheid en westerse idealen. Dan toch liever dit feestje waarop iedereen zonder onderscheiding met een vedett in de hand rondzwalpt en elkaar halfzat aanklampt.

Op de stand van Creatief Schrijven is het kissability troef. Hun liefdeselixir lost de tongen en we proppen ons vol gummylippen.
Ze beschikken er over een ingenieuze machine die alle romantische werk in jouw plaats verricht. Je hoeft maar naar een scherm te staren en de zoetgevooisde woorden komen je in de mond gevlogen. Zelf zie ik er uit als een stamelende Frankenstein – technologie kan niet alles oplossen. Gelukkig is het morgen Halloween.

Roderik

(c) Roderik Six

Vooropening

Begin deze week viel een kleurrijk kaartje in de bus: mijn uitnodiging voor de vooropening van de boekenbeurs. Blijheid alom.

Vooropening – wat een vreemd woord. Je vreest alsnog voor gesloten deuren te staan.

Zo een exclusieve uitnodiging op naam schept torenhoge verwachtingen. Het klinkt als een prelude tot seks, als een wandeling in het glazen straatje, als een date met twee nimfen aan het voorportaal van het vagevuur.
Piramides champagneglazen, zilveren lepels beluga, mild ironische gesprekken met het kruim van de Vlaamse intelligentsia, babes in catsuits die de ganse nacht voorplatten opblinken en met een hagelwitte glimlach luxe-uitgaven op adembenemende borsthoogte aanprijzen… de mogelijkheden lijken eindeloos, de nacht wanhopig kort, de kater nu al legendarisch.

Waarschijnlijk is zo een vooropening even spannend als een kindersurprise.

Wie vanavond ongetwijfeld wel op Fabergé eieren zal lopen, is Joke Schauwvliege, de actrice annex minister van Cultuur. Zij geeft op de Boekenbeurs haar maidenspeech. Nu al staat de literaire meute klaar om haar te stenigen met Vandale woordenboeken en het verzamelde werk van W.F. Hermans. Vaagheid valt dan ook aan te raden: gebruik zinsnedes als ‘democratisering van het leeswezen’ , ‘erkentelijkheid naar de literaire boekhandel toe’ of ‘gepaste steun aan auteurs’ en goedkeurend gemompel zal uw deel zijn. Zwijg echter over ‘leenrecht’ en fiets in een wijde boog om ‘Staatsprijzen’ en aanverwanten heen.

Maar we zullen ook gelukkige gezichten te zien krijgen. Simone Lenaerts mag de Debuutprijs in ontvangst nemen. Wie dacht dat vergrijzing maar een modewoord was om u langer te doen werken en aan uw pensioenrechten te knibbelen, ziehier het levende bewijs van het tegendeel. Opnieuw een vrouw ook. Wie de titularissen van de laatste tien jaar onder de loep neemt, merkt een mooie vijftig-vijftig verdeling in de geslachten – op dat ene onzijdige jaar 2006 na waarin geen enkel debuut het lezen waard bleek en de prijs dus in de kast bleef.
Dergelijke emancipatie en evenredig verdeelde aandacht voor iedere bevolkingsgroep zal Ingrid Lieten plezieren. Brengt Joke alsnog goed nieuws mee naar Brussel.

(c) Roderik Six

Dus

naastditbord

Als u hier bent

duswijstaanhier
staan wij daar!

Wat hebben we geleerd vandaag?

Het is eens wat anders, een Boekenbeurs opbouwen

zaal2stand222

We staan in zaal 2, stand 222. Je herkent ons van ver.

Jan ziet het helemaal zitten

Jan ziet het helemaal zitten.

uvraagtwijdraaien

Hij zit al eens om een vijs verlegen, wij nooit.

blazenhelpt

De polyfilla wordt altijd heter gesmeerd dan geschuurd.